Tips bij oefenen



Oefenen met klinisch redeneren? Dat kan! Lees onderstaande tips en ga direct aan de slag met de casussen. Wanneer je net begint met klinisch redeneren denk je misschien niet te weten waar je moet beginnen en raak je wellicht overrompeld. Natuurlijk zijn er bijvoorbeeld grote schoolopdrachten waarbij je zeer uitgebreid moet redeneren. Maar ook met weinig tijd kun je al veel opsteken. Wanneer je tien minuten tijd investeert en je best doet, kun je daar ook al veel van leren. En ook dán ben je aan het klinisch redeneren.

1. De 6 stappen van het klinisch redeneren en het oefenen daarvan

Zorg ervoor dat je de bekende zes stappen van het klinisch redeneren paraat hebt, kent of ergens hebt staan. Houdt ze tijdens het redeneren bij de hand. Deze stappen zorgen ervoor dat je niets over het hoofd ziet bij het oefenen. Je kunt ze links in het menu op deze website vinden. Je kunt ook het boek van Marc Bakker bestellen. De meeste verpleegkunde studenten hebben deze op hun literatuurlijst staan. Wanneer je een bibliotheek of documentatiecentrum hebt in jouw organisatie, kun je de boeken daar ongetwijfeld vinden.

2. Basiskennis

Zorg ervoor dat je belangrijke basiskennis hebt. Weet je bijvoorbeeld de normaaldwaarden van de vitale functies van de mens? En hoe deze te interpreteren? Wat als bijvoorbeeld de saturatie 92% meet? En wat als deze patiënt COPD heeft? Verandert dat de zaak?
Daarnaast moet je enige kennis hebben van anatomie en pathologie. Uit welke 4 holle ruimtes bestaat het hart? En als de linkerkant niet goed functioneert, wat is dan het gevolg daarvan? Of ken je de symptomen van een infectie of een sepsis? Of op welk tijdstip op de dag moet schildkliermedicatie ingenomen worden voor een goede werking?

Wanneer dit soort vragen in jouw casus voorkomen, zorg er dan voor dat je de kennis hebt. Weet je dingen niet? Dat is niet erg. Maar zorg er dan wel voor dat je het te weten komt. Dat redeneert veel makkelijker en beter. Het idee achter klinisch redeneren is dat je dit soort informatie opzoekt en zo je kennis uibreidt.

3. Neem de tijd

De meeste verpleegkunde studenten die ‘moeten’ klinisch redeneren zien daar tegenop. Hoe begin je? Wanneer moet je het doen? Hoe uitgebreid moet het? Zorg ervoor dat je de tijd neemt om de informatie te verzamelen en alle stappen uit te werken. Wanneer je een uitgebreide casus klinisch redeneert, kan het best zijn dat je daar een paar uur tijd in moet steken. Misschien kijk je er in het begin tegen op. Begin gewoon met verzamelen van gegevens. Zo zul je merken dat je steeds meer een geheel krijgt. Alles in de juiste volgorde zetten kan later nog. Na het maken van of oefenen met een casus krijg je vaak een boost van zelfvertrouwen! Zie je nou wel dat je bést veel weet en dat je zelf een mooie casus hebt beredeneert!

4. Hardop denken

Wanneer je klinisch redeneert, vraag dan je begeleider (of doe dat zelf) om je te bevragen. Stel telkens weer de vragen: ‘Hoe, wat en waarom?’. Door dan hardop te denken, laat je je gedachten zien en dan is een goede feedback mogelijk.

Stel vragen als:
“Welk gezondheidsprobleem heeft de hoogste prioriteit? Waarom?”
“Wat is volgens jou het meest belangrijke probleem? En waarom?
“Wat bedoel je met…?”
“Zijn er ook andere verklaringen mogelijk voor deze situatie?”
“Wanneer je dat doet, wat zou het effect dan kunnen zijn op de patiënt?”
“Hoe komt het dat je dat zo aanneemt? Waarom kun je dat zo doen?”
“Je benoemde even kort dit probleem. Waarom werk je juist deze niet verder uit?”
“Heb je evidence gebruikt voor deze casus? Waarom juist die?”

5. Informatie verzamelen

Verzamel de informatie waarover je wilt klinisch redeneren. Ga je ‘snel’ en kort redeneren, zodat je bijvoorbeeld met een andere zorgverlener vlot kunt communiceren? Of moet je voor een verslag voor school een casus klinisch redeneren? Dan moet je namelijk een stuk meer gegevens verzamelen.

Verzamel de informatie uit het dossier van de patiënt en gebruik je eigen klinische interpretatie. Zie je dat de patiënt benauwd is? Waar zie je dat aan? Is de saturatie laag? Gebruikt de patiënt hulpademhalingsspieren? Gebruik eventueel de volgende handige verpleegkundige gereedschappen: SBARREWS-score , vitale functies.

6. Betrouwbare bronnen

Verzamel je informatie? Haal dat dan uit betrouwbare bronnen. Dat is erg belangrijk, aangezien er veel informatie beschikbaar is. Zoals je op school vast geleerd hebt, is bijvoorbeeld Wikipedia geen betrouwbare bron. Waarom niet? Omdat iedereen de informatie zomaar aan kan passen. Wetenschappelijk onderzoek, anatomie en pathologie studieboeken, informatie van een stichting (hartstichting, nierstichting) zijn wel betrouwbaar. Wanneer je goede informatie hebt gevonden, noteer dat dan direct in je literatuurlijst of bronnenlijst. Wanneer je namelijk bezig bent met eigen onderzoek, wordt van je geacht dat je al je informatie terug kan linken naar de juiste bronnen.

In de casussen op deze website kun je oefenen.